WIJZIGING WETGEVING BLOOTSTELLING DIESELMOTORENEMISSIES (DME )

Met ingang van oktober 2019 zijn de eisen die toepasbaar zijn op werkzaamheden of arbeidsplaatsen waar werknemers worden blootgesteld aan dieselmotoremissies (DME) verder aangescherpt.

Kort samengevat komt het op het volgende neer :

  • Indien er een alternatief voor de dieselmotor voor handen is moet men dit inzetten, mits men de controlerende ARBO dienst kan aantonen dat dit praktisch niet mogelijk is.
  • Indien er een dieselmotor wordt gebruikt en er zijn mensen in de buurt, of dit nu binnen of buiten is, moet men streven naar 0 % DME uitstoot.
  • Bij filtering dienen de filters minimaal een rendement op de DME van 95 % te halen
  • EUR6-dieselmotoren halen 90 procent, dus daar moet ook een DME filter op met een rendement van minimaal 95 %.
  • Filterleveranciers die minimaal 95 % halen staan vermeld in de VERT lijst
  • EHC heeft als één van de weinige een certificaat dat EHC filters een rendement van maar liefst 99% halen.

Voor de volledige informatie van de inspectie SZW verwijzen wij graag naar de BasisInspectiemodule Blootstelling aan dieselmotorenemissies (DME ) via de volgende link: Arbo_NL_102019.pdf

Oorzaak olielek op Oude Maas nog onbekend

Rijkswaterstaat weet zaterdag nog niet hoe het oliespoor op de Oude Maas is terechtgekomen. Het spoor werd vrijdagochtend ontdekt en verspreidde zich over een gebied van zeker tien kilometer, van Puttershoek tot aan de Spijkenisserbrug.

Het gaat om gasolie, de brandstof van schepen in de beroepsvaart. Deze olie verdampt op den duur. Twee ruimschepen, die het oppervlaktewater met de olie opslurpen, werden vrijdag ingezet om het spul zo veel mogelijk op te ruimen.

De opruimactie werd vrijdagavond gestaakt, omdat het donker werd en daardoor slecht zichtbaar was waar nog olie lag. De meeste olie was toen inmiddels geruimd.

De opruimwerkzaamheden werden zaterdagochtend hervat met één schip, omdat bleek dat ter hoogte van Heerjansdam nog steeds olie dreef. Ook bij Spijkenisse en Hoogvliet lagen nog restjes.

Rijkswaterstaat heeft in verschillende havens absorberend materiaal neergelegd om deze laatste restjes olie op te ruimen. De vluchthaven in ‘s-Gravendeel aan de Dordtse Kil, een zijtak van de Oude Maas, blijft voorlopig gesloten. Ook daar is namelijk olie aangetroffen.

VanDoClean lanceert nieuwe Webshop

VanDoClean heeft onlangs een geheel vernieuwde webshop gelanceerd. Op de webshop krijg je als bezoeker een totaalbeeld wat VanDoClean allemaal te bieden heeft op het gebied van hoogwaardige veiligheidsartikelen gericht op olie-, brandstof- & chemicaliënlekkages.

Gebruiksvriendelijke webshop

Eenvoudig navigeren tussen de verschillende productgroepen om vervolgens in 2 simpele stappen het bestelproces af te ronden. Indien gewenst maakt u een persoonlijk account aan om uw bestelhistorie in te kunnen zien of vanuit dit portal herhaalopdrachten te plaatsen.

Bezoek de webshop: www.vandoclean.nl

 

                                                                                                                                                                                                                                     

Verschillende havens dicht door olielekkage Botlek

Meerdere jachthavens in de buurt van Het Scheur zijn vanaf zaterdagavond gesloten. Dat meldt de veiligheidsregio. Deze maatregel is genomen om verdere verspreiding van olie te voorkomen na de grote lekkage van zaterdagmiddag in de Derde Petroleumhaven in Rotterdam.

Het gaat onder meer om de buitenhaven van Vlaardingen, de Wilhelminahaven in Schiedam, de haven van Maassluis, de jachthaven van Hoogvliet, de Veerhaven in Rotterdam en de jachthaven van Rhoon. De havens in Spijkenisse en Oud-Beijerland zijn uit voorzorg ook gesloten.

Schepen die in deze havens liggen, kunnen er niet uit. Ook kunnen er geen schepen van buitenaf de havens in komen. Hoelang de havens gesloten blijven, is nog niet duidelijk.

Lekkage

Een tankschip lekte zaterdagmiddag 220 ton stookolie in de Derde Petroleumhaven in Rotterdam, nadat het tegen een steiger was gevaren. De olie is inmiddels verder gedreven en ligt nu ook in het water bij Maassluis, Hoek van Holland, Schiedam en Vlaardingen.

Maritieme dienstverlener HEBO is ingeschakeld om de olie op te ruimen. Dit kan zeker nog enkele dagen duren. Er wordt onder meer gebruik gemaakt van drijvende oliebarrières om de olie tegen te houden.

Rijbaan in Amersfoort afgesloten door glad wegdek

Een rijbaan van de Amsterdamseweg in Amersfoort is gisteravond een korte tijd afgesloten geweest. Een deel van het wegdek was spekglad geworden, vermoedelijk door gelekte olie of diesel.
De politie en brandweer kwamen ter plaatse en hebben een pylon vol zand over het gladde wegdek gestrooid. Nadat de agenten het wegdek schoon hadden geveegd, kon de rijbaan weer vrijgegeven worden. De brandweer heeft later nog een groot deel van de kruising Amsterdamseweg met de Brabantsestraat tijdelijk afgesloten en nog een extra spoor wat vanuit de tunnel kwam schoongemaakt.

Linge weer schoon na olielekkage baggerschip

Het water van de rivier de Linge is weer helemaal schoon. De olie die vorige week weglekte uit een baggerschip is opgeruimd, meldde Waterschap Rivierenland maandag.

Schade aan het milieu is volgens het waterschap door snel optreden beperkt gebleven.

Donderdag lekte op de Linge tussen Gellicum en Heukelum dieselolie uit het baggerschip. Over een lengte van ruim 100 meter raakte het water vervuild. Het schip verloor de olie bij het overtanken van brandstof aan boord.

De binnenvaart werd stilgelegd en vissen en varen in particuliere bootjes werd door het waterschap afgeraden. In de loop van zaterdag is de vaarweg al vrijgegeven.

Tot maandagmiddag werd nog olie verwijderd uit enkele inhammen van de Linge.

Deze bedrijven worden ingezet na een illegale dumping van drugsafval

Illegale dumpingen van drugsafval komen de afgelopen jaren regelmatig voor. Hoeveel lozingen er plaatsvinden en wat precies de gevolgen zijn, is onduidelijk. Maar dat de troep moet worden opgeruimd staat buiten kijf.

In Nederland zijn er verschillende bedrijven die worden ingeschakeld om na een dumping de vervuilde plek te saneren. NU.nl ging in gesprek met Hans van Vliet van Nipa Milieutechniek uit Oss en Twan Hoeijmakers van LievenseCSO uit Maastricht.

De bedrijven zijn adviesbureaus die zich bezighouden met infrastructuur, water en milieu. Ze worden – afhankelijk van waar een dumping heeft plaatsgevonden – meestal ingeschakeld door de gemeente. Gemiddeld ‘doen’ ze zo’n vijf tot tien dumpingen per jaar.

Na het aantreffen van een lozing of een drugslaboratorium komen verschillende partijen bij elkaar, waaronder de gemeente of het waterschap, de politie, de brandweer (die de eerste metingen doet), een bedrijf dat de vaten afvoert en opslaat in een speciaal depot voor eventueel sporenonderzoek (zoals Van Gansewinkel), en eventueel een milieuadviesbureau en een aannemer.

Saneren
“Als milieuadviesbureau doen wij onderzoek: is er sprake van verontreiniging en zo ja: hoe komen we ervan af”, legt Hans van Vliet uit. “We maken een plan en begeleiden bij de uitvoering ervan.”

De bedrijven beginnen het liefst zo snel mogelijk met saneren om eventuele gevaren voor de volksgezondheid en het milieu te beperken. “Als wij bij een dumping komen, dragen we beschermingsmiddelen”, vertelt Twan Hoeijmakers.

“Speciale pakken en adembescherming; in ieder geval tot we weten om welke stoffen het gaat. Het werk kan gevaarlijk zijn. Als er meerdere stoffen gedumpt zijn, kunnen die zelfs samen een reactie vormen. Ook worden er soms gasdrukhouders aangetroffen en die kunnen voor ontploffingsgevaar zorgen.”

Het is volgens Hoeijmakers wel eens gebeurd dat mensen – vaak voorbijgangers of omwonenden – bedwelmd raakten of ademhalingsproblemen kregen, omdat ze te dicht in de buurt van een dumping kwamen.

Hij hoopt daarom in de toekomst niet alleeen op een betere samenwerking tussen verschillende instanties, maar ook met burgers. “Wat mij betreft moeten we niet wachten tot er écht grote ongelukken gebeuren, maar bekijken we met z’n allen hoe we dit probleem kunnen aanpakken.”

Zuurgraadmeter
Welke stoffen na een dumping in de grond zitten, wordt in eerste instantie meestal gemeten met een zuurgraadmeter. “Vaak is de omvang van het probleem al (gedeeltelijk) zichtbaar”, aldus Van Vliet. “Als het afval heeft gelekt in een berm, is het gras bijvoorbeeld weggeschroeid.”

Na het saneren van de grond worden soms nog monsters van de chemicaliën opgestuurd naar een laboratorium, meestal het NFI. “Dat gebeurt niet altijd. Het is vrij kostbaar en het duurt ook lang voor je de resultaten binnen hebt”, legt Van Vliet uit. “Bovendien moet de gemeente officieel de opdracht geven voor zo’n onderzoek; dat kunnen wij als commercieel bedrijf niet zelf doen.”

Hoeveel kosten er bij het opruimen van de gemiddelde drugsdumping worden gemaakt, is volgens Van Vliet en Hoeijmakers lastig te zeggen. “Het is sterk afhankelijk van de wijze en omvang van de dumping en bijvoorbeeld de hoeveelheid grond die afgevoerd en weer aangevuld wordt”, aldus Van Vliet. “Maar 30.000 euro is geen schrikbarend bedrag, en dan heb ik het puur over de saneringskosten.”

Gierputten
Hoeijmakers herinnert zich een geval in het Brabantse Someren waarbij chemisch afval in gierputten bij een boerderij was gestort en was ondergewerkt in een akker. “In dat geval moest de hele bovenlaag van de akkers worden gesaneerd; dat ging om honderden vierkante meters grond. Dan moet je qua kosten wel denken aan enkele tienduizenden euro’s.”

Ook is er soms veel te doen om wie opdraait voor de gemaakte kosten. “In de wet is geregeld dat de vervuiler betaalt, maar het is vaak moeilijk te achterhalen wie dat is”, zegt Hoeijmakers. “Het is dan erg vervelend als je drugsvaten op jouw grondgebied vindt en in principe als eigenaar ook nog alle kosten voor het opruimen ervan moet betalen. In de praktijk schiet het ‘bevoegd gezag’, bijvoorbeeld de gemeente en provincie dan vaak te hulp.”

Lege tanker ‘Bow Jubail’ lekte in Rotterdam eigen stookolie

De 217.000 liter olie die zaterdag in de Rotterdamse haven is weggelekt, was stookolie waarmee de motoren van de tanker worden aangedreven. Het schip zelf, Bow Jubail van de Noorse rederij Odfjell, was ongeladen. De olietanker is dubbelwandig uitgerust voor wat betreft de lading, de tanks achterin van het schip voor de motoren hebben die bescherming niet.

Dat heeft havenwethouder Adriaan Visser (D66) donderdag in de gemeenteraad van Rotterdam gezegd. De tanker is om 13.45 uur met de rechter achterkant tegen de kade gebotst. “Het schip had een loods aan boord, windkracht 3 en helder zicht. Het is nog een volkomen raadsel hoe dit heeft kunnen gebeuren.”

Het is een ongekende olieramp voor Rotterdam, zegt Visser. “Het schip had net bunkerolie geladen. Het lekken ging enorm snel. Ondanks alle maatregelen zorgde eb en vloed voor snelle verspreiding van de olie.” Inmiddels is al 160.000 liter opgeruimd.